Aanvullend geboorteverlof

Op 7 juli 2020 gepubliceerd door Bol Adviseurs (Algemene Publicatie)

Vanaf 1 juli 2020 hebben partners van wie de partner op of na 1 juli bevallen is recht op aanvullend geboorteverlof. Zij hadden al recht op geboorteverlof van 1 maal de wekelijkse arbeidsduur, ook wel kraamverlof, vaderschapsverlof of partnerverlof genoemd. Het aanvullend geboorteverlof is maximaal 5 maal de wekelijkse arbeidsduur, ongeacht het aantal kinderen dat geboren is. De partner ontvangt een uitkering van 70% van diens dagloon.

Verschillen geboorteverlof en aanvullend geboorteverlof

Een verschil tussen het bestaande geboorteverlof en het aanvullend geboorteverlof is de loondoorbetaling. Tijdens het geboorteverlof wordt het loon voor 100% doorbetaald, tijdens het aanvullend geboorteverlof is de loondoorbetaling 70%. Hierbij geldt het maximum dagloon als bovengrens.

Opnemen aanvullend geboorteverlof

Ook de opnameperiode van het geboorteverlof en het aanvullend geboorteverlof verschilt. Het geboorteverlof van 1 week moet binnen 4 weken na de bevalling worden opgenomen. Het aanvullend geboorteverlof wordt binnen een periode van 6 maanden na de bevalling opgenomen. Voor opname van het aanvullend geboorteverlof is eerst het geboorteverlof van 1 werkweek opgenomen.

Het aanvullend geboorteverlof wordt minimaal 4 weken voor de geplande bevallingsdatum schriftelijk aangevraagd. Bij de aanvraag wordt opgegeven of de maximale periode van 5 weken verlof, of een kortere periode verlof opgenomen wordt. De minimum verlof periode is 1 werkweek. Verder wordt vermeld hoe het verlof verspreid wordt. Worden bijvoorbeeld volle weken verlof opgenomen, of wekelijks maar 1 dag. Het verlof kan over maximaal 26 weken na de bevalling verspreid worden. Wanneer de medewerker bij een nieuwe werkgever in dienst treedt voordat het verlof opgenomen is, kan het resterende verlof meegenomen worden naar de nieuwe werkgever.

Ziekte en aanvullend geboorteverlof

De werknemer kan alleen aanvullend geboorteverlof opnemen als de werknemer binnen 6 maanden na de geboorte van het kind weer (gedeeltelijk) aan het werk is. Wordt de werknemer ziek tijdens het aanvullend geboorteverlof, dan stopt tijdelijk het verlof. De werknemer kan het verlof verder opnemen als de werknemer binnen 6 maanden na de geboorte van het kind weer (gedeeltelijk) aan het werk is.

Aanvraagprocedure

Werkgevers vragen voor het aanvullend geboorteverlof een uitkering bij UWV via Verzuimmelder in het werkgeversportaal of via DigiPoort aan. Ook kan gebruik worden gemaakt van het formulier Aanvragen WAZO-uitkering. Het is ook mogelijk om het aanvullend verlof achteraf aan te vragen. Dit kan tot 1 jaar na de ingangsdatum van het verlof.

UWV heeft de volgende gegevens nodig van de werknemer:

  • de geboortedatum van het kind;
  • het aantal weken dat de werknemer het verlof wil opnemen ( 1, 2, 3, 4 of 5 weken);
  • de ingangsdatum van het aanvullend verlof;
  • de bevestiging dat de werknemer het standaard geboorteverlof van 1 keer zijn werkweek heeft opgenomen;
  • of de uitkering rechtstreeks aan de werknemer moet worden betaald of aan de werkgever;

Als het UWV de aanvraag heeft ontvangen, krijgt de werkgever binnen 4 weken een beslissing.

Betaling van de uitkering

UWV compenseert de loondoorbetaling van 70% van het dagloon van de werknemer. Let op: Er geldt een maximumdagloon.

Door UWV wordt de uitkering aan de werkgever betaald. In de aanvraag kan er ook voor gekozen worden om de uitkering aan de werknemer uit te betalen. De uitkering wordt 1 keer in de 4 weken achteraf uitbetaald. Hoeveel per periode wordt betaald, hangt af van de datum waarop het verlof ingaat.

Stel je vraag aan Bol Adviseurs

Heeft u een vraag naar aanleiding van dit nieuwsbericht? Stuur ons dan een bericht.