Btw-tip! Wordt je factuur niet meer betaald? De btw-gevolgen

Op 21 juni 2019 gepubliceerd door Bol Adviseurs (Algemene Publicatie)

De btw op facturen die niet door jouw klanten wordt voldaan, kan onder voorwaarden worden teruggevraagd. Máár, let op dat het prijsgeven van een vordering – je spreekt met de afnemer af dat hij zijn factuur niet meer hoeft te betalen en legt dat in een overeenkomst vast – gevolgen heeft voor het terugvragen van de btw op oninbare debiteuren.

Als je een factuur stuurt aan jouw klanten, moet je de btw daarover direct aangeven en betalen in het tijdvak waarin de factuur is uitgereikt. Betaalt uw klant de factuur uiteindelijk niet of maar gedeeltelijk, dan is jouw vordering (gedeeltelijk) oninbaar. Dan heb je btw betaald die je niet ontvangen hebt. Je kunt deze btw dan terugvragen.

Terugvragen btw oninbare debiteuren

Als je een factuur stuurt aan jouw klant, moet je daarover btw aan de Belastingdienst afdragen. Als een klant dan niet betaalt, heb je de btw al afgedragen, maar krijg je die niet meer terug van jouw klant. Je kunt dan deze btw aan de Belastingdienst terugvragen.

De btw op oninbare debiteuren kan worden teruggevraagd als de factuur één jaar nadat het factuurbedrag opeisbaar is geworden, nog niet is voldaan. Als eerder blijkt dat de vordering niet zal worden voldaan, bijvoorbeeld doordat de afnemer failliet is gegaan, kan de btw ook eerder dan na verloop van een jaar worden teruggevraagd.

Let op! Als jouw klant de factuur of een deel van het factuurbedrag op een later moment alsnog betaalt, ben je de btw opnieuw (deels) verschuldigd.

Prijsgeven vordering

Het prijsgeven van een vordering door het sluiten van een crediteurenakkoord of schuldeisersakkoord leidt ertoe dat je de btw niet langer kan terugvragen. In een crediteurenakkoord of schuldeisersakkoord wordt doorgaans door partijen afgesproken dat zij (deels) afzien van de in het akkoord genoemde vorderingen. Door het sluiten van een crediteuren- of schuldeisersakkoord is er juridisch gezien geen sprake meer van een vordering. De btw op de oorspronkelijke vordering kan dan ook niet worden teruggevraagd als btw op oninbare debiteuren.

Dit is ook bevestigd door rechtbank Den Haag. Het betrof in deze zaak twee partijen die in een vaststellingsovereenkomst afspraken dat zij de vorderingen die zij over en weer hadden, prijsgaven en dat zij niets meer van elkaar te vorderen hadden. Door het sluiten van de vaststellingsovereenkomst zag bv A af van een vordering die zij had op bv B. Bv A kon de btw op de oorspronkelijke vordering op bv B, die niet door bv B werd betaald, niet terugvragen omdat de vordering juridisch niet meer bestond.

Conclusie

Btw op oninbare vorderingen kan worden teruggevraagd als de vordering na een jaar niet is voldaan. Let op dat het prijsgeven van een vordering gevolgen heeft voor het terugvragen van btw. Het sluiten van een nieuwe overeenkomst waarin wordt afgesproken dat van de vordering wordt afgezien, leidt ertoe dat juridisch gezien geen sprake meer is van een vordering zodat btw op de oorspronkelijke vordering niet kan worden teruggevraagd als de vordering niet wordt betaald.

Stel je vraag aan Bol Adviseurs

Heb je een vraag naar aanleiding van dit nieuwsbericht? Stuur ons dan een bericht.